Erfbelasting onderging op 1 januari 2026 ingrijpende wijzigingen
Per 1 januari 2026 is er het nodige veranderd op het gebied van erfbelasting in Nederland en Vlaanderen. Deze hervorming brengt diverse voordelen voor bepaalde groepen erfgenamen. De wijzigingen worden in fasen tot 2029 ingevoerd en vereisen aandacht van iedereen met plannen op het gebied van erven en schenken.
Partners krijgen meer bescherming
De vrijstelling van erfbelasting op roerende goederen tussen echtgenoten, wettelijk samenwonenden en feitelijk samenwonenden die al meer dan een jaar samenwonen werd op 1 januari 2026 verhoogd van € 50.000 naar € 75.000. Dit betekent dat de langstlevende partner aanzienlijk meer goederen belastingvrij kan ontvangen.
Bovendien heeft de langstlevende partner een partnervrijstelling voor de erfbelasting van € 828.035 in 2026, wat betekent dat deze partner de eerste € 828.035 van de erfenis volledig vrijgesteld ontvangt. Voor de meeste Nederlandse en Vlaamse huishoudens resulteert dit in weinig tot geen erfbelasting voor de langstlevende partner.
Alleenstaanden zonder kinderen hebben nieuwe mogelijkheden
De vriendenerfenis dooft geleidelijk aan uit en wordt volwaardig vervangen door de singlevermindering. Voor testamenten die vanaf 1 januari 2026 opgemaakt worden, wordt geen vriendenerfenis meer toegepast. In plaats daarvan kunnen kinderloze singles één of meerdere begunstigden aanduiden die samen tot € 100.000 kunnen erven aan een voordeeltarief van 3% op de eerste schijf van € 50.000 en van 9% op de restschijf.
Dit is een aanzienlijke verbetering. De oude vriendenerfenis maakte het mogelijk om maximaal € 15.000 na te laten aan een broer/zus, ver familielid of goede vriend aan een verlaagd tarief van 3%. De nieuwe regeling biedt dus een veel groter bedrag met dezelfde lage tarieven.
Vereenvoudigde aangiftte en langere termijnen
Vanaf januari 2026 krijgen erfgenamen meer tijd voor aangifte én betaling van erfbelasting: 20 maanden in plaats van 8. Dit geeft nabestaanden aanzienlijk meer ruimte om hun zaken op orde te stellen.
Vanaf 1 januari 2026 gelden nieuwe regels voor de erfbelasting bij schenkingen kort voor overlijden. Deze regels zijn van toepassing als iemand na die datum overlijdt. Overlijdt de persoon die de schenking heeft gedaan binnen 180 dagen? Dan telt die schenking vanaf 2026 mee voor de erfbelasting. Deze schenking hoeft meestal niet meer apart aangegeven te worden voor de schenkbelasting, omdat de schenking wordt meegenomen in de aangifte erfbelasting, wat ervoor zorgt dat je vaak nog maar één aangifte hoeft te doen.
Biologische kinderen krijgen gelijke behandeling
Biologische kinderen zonder juridische band worden vanaf 2026 gelijkgesteld aan kinderen met een juridische band. Daardoor gelden vaak dezelfde vrijstellingen en tarieven bij erfbelasting 2026 en schenkbelasting, wat doorgaans gunstiger uitpakt.
Praktische implicaties
Deze wijzigingen hebben directe gevolgen voor erfbelastingplannen. Door deze hervormingen kan het aangewezen zijn om bestaande testamenten en successieplannen opnieuw te evalueren. Wie vóór 2026 een testament heeft opgesteld met een vriendenerfenis, kan dit beter herzien om van de gunstiger singlevermindering te profiteren.
Conclusie
De erfbelastinghervorming van 2026 brengt welkome vereenvoudigingen en voordelen, vooral voor langstlevende partners, alleenstaanden zonder kinderen, en biologische kinderen zonder juridische band. Tegelijkertijd vereist de complexiteit van deze regelgeving professioneel advies, zeker bij grotere vermogens en ingewikkelde familiaire situaties. Het is verstandig om uw situatie tegen het licht te houden en eventueel juridisch en fiscaal advies in te winnen om optimaal gebruik te maken van de nieuwe mogelijkheden.
